Vandaag, donderdag 19 maart, hebben de leden van de Commissie internationale handel (INTA) gestemd over het standpunt dat het Europees Parlement zal verdedigen in de onderhandelingen met de Commissie en de Raad met betrekking tot de wetgevingsteksten die verband houden met het Turnberry-akkoord, dat afgelopen zomer werd gesloten tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten. Concreet moet de EU, om het akkoord na te leven, de invoerrechten op alle Amerikaanse industriële goederen afschaffen, haar markt verder openstellen voor verschillende producten uit de Verenigde Staten en een preferentiële toegang verlenen aan bepaalde niet-gevoelige landbouwproducten en aan Amerikaanse zeevruchtenproducten, en bepaalde bestaande preferentiële regelingen verlengen. De Europese engagementen inzake investeringen in strategische sectoren en energieaankopen maken geen deel uit van het wetgevingspakket dat ter stemming werd voorgelegd. In ruil hebben de Verenigde Staten zich ertoe verbonden de verhoging van hun wederzijdse invoerrechten te beperken tot 15%, nadat zij gedurende meerdere maanden hadden gedreigd met veel grotere verhogingen.

Sophie Wilmès reageert: “Laten we eerlijk zijn: het Turnberry-akkoord is geen evenwichtig akkoord. Aanvankelijk waren we bereid een zekere onevenwichtigheid te aanvaarden, op voorwaarde dat die werd gecompenseerd door stabiliteit en voorspelbaarheid in onze handelsrelaties met de Verenigde Staten. Acht maanden later moeten we vaststellen dat de regering-Trump ons zelfs dat niet biedt. Het zou waarschijnlijk verstandiger zijn geweest het tempo van de werkzaamheden te vertragen zolang we geen bijkomende garanties hadden. Maar nu de zaken vooruitgaan, willen wij dat het Parlement met een zo sterk mogelijke positie aan de trilogen deelneemt, door concrete beschermingsmechanismen op tafel te leggen. Die moeten ons onder meer in staat stellen ons op elk moment uit het akkoord terug te trekken indien de Verenigde Staten hun verplichtingen niet nakomen of ons – erger nog – bedreigen, zoals het geval was met Groenland. Het vertrouwen in de regering-Trump is minimaal, dus moeten we daarnaar handelen.”

Hoewel het wetgevingsproces in het Europees Parlement tijdelijk werd opgeschort, hebben de parlementsleden er dus voor gekozen het opnieuw op te starten, met de opname van strikte voorwaarden in verschillende vormen. Het Parlement pleit in de eerste plaats voor de invoering van een conditionaliteitsclausule (“sunrise clause”): het Europese deel van het akkoord zou pas in werking treden als Washington zijn verbintenissen volledig nakomt, met name zonder invoerrechten boven 15% te handhaven of nieuwe in te voeren. Daarnaast vraagt het Parlement dat, indien de Verenigde Staten hun invoerrechten op staal, aluminium en afgeleide Europese producten niet verlagen tot het algemene plafond van 15% (momenteel 50%), de afschaffing van invoerrechten op gelijkwaardige Amerikaanse producten binnen zes maanden na de inwerkingtreding van de verordening wordt opgeschort. De MR betreurt bovendien in het bijzonder dat de invoerrechten op staal en aluminium ongewijzigd blijven, namelijk op 50%, en worden uitgebreid tot 407 afgeleide producten; dit is een essentieel punt. Verder stelt het Parlement ook een opschortingsclausule voor in geval van nieuwe bedreigingen voor de veiligheid of de belangen van de EU, inclusief haar territoriale integriteit; een vrijwaringsclausule bij ernstige bedreigingen voor de Europese industrie of bij grote marktverstoringen; en tot slot een beperkte looptijd van het akkoord (“sunset clause”) tot 31 maart 2028. Tegen dan moet het akkoord opnieuw worden onderhandeld tussen beide partijen. De MR steunt en verdedigt dan ook de hierboven uiteengezette voorwaarden.

Benoit Cassart, effectief lid van deze commissie, verklaart: “Dit is geen comfortabele keuze, maar een keuze uit verantwoordelijkheid. Maar in de huidige context, gekenmerkt door grote instabiliteit en een sterke stijging van de energiekosten, was het essentieel om te luisteren naar de economische actoren die vragen om voorspelbaarheid en stabiliteit. Daarom is gekozen voor een pragmatische aanpak. En als we vooruitgaan met dit akkoord, dan doen we dat best met duidelijke regels en door een sterke positie van het Parlement te benadrukken tegenover de onzekerheden van de Amerikaanse regering.”

De tekst zal binnenkort in plenaire vergadering worden gestemd, voorafgaand aan de onderhandelingen in trilogevorm.